Facebook-verkeer herken je in Google Analytics 4 met consequent gebruikte UTM-parameters. Leg bron, medium, campagne en advertentievariant vooraf vast, test de URL en meet nuttige gebeurtenissen. De Universal Analytics-menu’s uit 2020 zijn niet meer actueel.
Het volgen van bezoekers van Facebook
Wanneer je marketing- en reclamecampagnes voert, wil je er zeker van zijn dat je jouw advertenties hebt geoptimaliseerd zodat je het meeste uit jouw advertentie-uitgaven haalt. Inzicht in hoe goed je advertenties presteren is cruciaal, maar daarvoor moet je weten hoe je de bezoekersgegevens van Facebook-advertentiecampagnes betrouwbaar kunt doorsturen naar Google Analytics. En hiervoor heb je parameters nodig.
Gebruik van URL-parameters in Google Analytics
Google Analytics maakt het mogelijk om allerlei soorten gegevens te volgen via URL-parameters. Weet je niet hoe je een URL-parameter maakt? Gelukkig biedt Google een Campaign URL Builder tool om je te helpen bij het genereren van Google Analytics geoptimaliseerde URL’s.
Specificeer aangepaste parameters
Met Google Analytics kun je jouw bezoekers markeren op basis van de bron en parameters zoals advertentie, advertentie set en campagne. Deze worden allemaal ingebouwd in de URL. Zorg ervoor dat je “facebook” gebruikt voor de bron van de campagne en “cpc” of “cpm” als campagnemedium. Zodra je alles hebt ingevuld, maakt de URL-generator de URL aan die je moet gebruiken voor je advertenties. Je gebruikt dan de URL’s die het genereert als de externe link voor jouw Facebook-advertenties, zo worden de gegevens automatisch verzameld.
Traceerparameters in Google Analytics
Zodra je advertenties openbaar zijn en mensen op jouw advertenties beginnen te klikken via de aangepaste URL’s, worden de resultaten zichtbaar in Google Analytics. Om dit te zien neem je de volgende stappen: ga naar ‘Acquisitions’, klik op ‘All Traffic’, klik op ‘Source/Medium’ en dan klik je vanuit ‘Primary Dimension’ op ‘Other’ en vervolgens ‘Acquisition group’.
Zodra je klaar bent, kun je de functierijke Google Analytics toolkit gebruiken om je Facebook bezoekers specifiek te analyseren. Dit geeft je een schat aan gegevens over hoe goed jouw Facebook advertentiecampagnes het doen. Het vertelt je hoeveel mensen reageren op advertenties, wat voor demografische gegevens hierbij horen en hoe die bezoekers vervolgens jouw website gebruiken. Cruciaal is dat je ziet hoeveel leads daadwerkelijk omzet of conversies genereren. Meer gegevens maken het mogelijk om campagnes te verfijnen en de kosten te verlagen.
Welke UTM-parameters gebruik je voor Facebook?
Gebruik minimaal een vaste bron, medium en campagnenaam. Bijvoorbeeld utm_source=facebook, een afgesproken medium en een campagnenaam zonder wisselende spelling. Gebruik utm_content om advertenties of varianten te onderscheiden. Leg kleine letters, spaties en naamgeving centraal vast.
Google Ads gebruikt vaak automatische tagging; Meta-verkeer vraagt meestal om handmatige tags. Test iedere bestemmings-URL, inclusief redirects, voordat de advertentie live gaat. Een ontbrekende of verwijderde tag kan verkeer onder direct of een verkeerd kanaal laten vallen.
Waar vind je het verkeer in GA4?
Bekijk nieuwe gebruikers in het rapport Gebruikersacquisitie en sessies in Verkeersacquisitie. Gebruik bron, medium en campagne op het juiste bereik. Controleer daarna de gebeurtenissen of key events die de gewenste actie vertegenwoordigen.
GA4 kan krediet over meerdere contactmomenten verdelen. De aantallen in Meta en Analytics hoeven daardoor niet gelijk te zijn. Noteer attributiemodel, terugkijkperiode, toestemming en tijdzone voordat je prestaties vergelijkt.














